Brabants Dagblad, 25 mei 1994

Het grote raadsel van de vlakken

Bedacht Piet Mondriaan in Uden zijn abstracte werk?

Het jaar 1912 geldt als breekpunt in het oeuvre van Piet Mondriaan. In dat jaar vestigde hij zich in Parijs, waar hij in de ban raakte van het kubisme, en de basis legde voor zijn latere beeldende spel van lijnen en vlakken. Of lag die basis voor zijn abstracte werk in Uden?

Door Paul Kokke

Sommige raadsels zijn onoplosbaar. Zoals het raadsel waarom Piet Mondriaan tussen 1904 en 1905 ruim twaalf maanden in Uden verbleef en van daar uit het Brabantse boerenland verkende en vastlegde in een serie schilderijen van boerderijen en molens. Was het de zelfmoord van een Amsterdamse vriend, waren het de geruchten over Mondriaans vermeende homoseksualiteit die de kunstenaar deden besluiten de hoofdstad tijdelijk te verlaten en de rust te zoeken van het Brabantse land? Of was hij gewoon overspannen, overwerkt, zat hij in een dip, wist hij niet meer hoe het verder moest met zijn schilderijen en tekeningen? Misschien. In wezen is het eigenlijk niet echt relevant. Tenzij... Tenzij men kan aantonen dat tijdens dat Brabantse jaar Mondriaan de eerste aanzet ten formuleerde voor zijn latere abstracte composities.


Parijs

Binnen de kunstgeschiedenis geldt het jaar 1912 als het breekpunt in het oeuvre van Piet Mondriaan. In dat jaar vestigde hij zich voor een korte periode in Parijs. Toen was hij nog een kunstenaar die in de stijl van het fauvisme en het post-impressionisme werkte. Maar in de Franse hoofdstad raakte Mondriaan in de ban van het kubisme, zoals dat door Picasso en Braque ontwikkeld was, en zou hij in de daarop volgende tien jaar langzaam overgaan naar het neo-plasticisme, de basis voor zijn beeldende spel van lijnen en vlakken. Onlangs, op de tentoonstelling Mondriaan aan de Amstel in het Amsterdams gemeentearchief, was een schilderij te zien waarmee je die kunsttheoretische benadering van Mondriaans abstractie totaal overhoop kunt halen. Wat op die tentoonstelling overigens ook welbewust gebeurde. Want wat is er mooier om op een tentoonstelling over de Amsterdamse periode van de kunstenaar al de geboorte van diens abstractie te kunnen laten zien. In het jaar 1900, vier jaar voor zijn vertrek naar Uden, schilderde Mondriaan immers een boerenhuis aan het Gein. De voorgevel wordt weerspiegeld in het water van het riviertje. Als je de weerspiegeling koppelt aan de weergave van de gevel, zie je een soort vierkant op z'n punt. Dat motief zou Mondriaan jaren later ook schilderen, maar dan in rechte zwarte lijnen op een wit vlak. Een abstract schilderij dus. Nu wordt het interessant. Want, als we de betekenis van het woord abstract letterlijk nemen, is elk schilderij een abstractie. Het geeft namelijk uitdrukking aan een slechts in de geest bestaande verbeelding, waarvan de realiteit bovendien nog in grote mate bepaald wordt door de beperktheid van de weergave. Een schilderij is dus wat het is: een hoeveelheid verf die is opgebracht op hout of linnen. Niks meer of minder. De waarde ervan ligt besloten in de kracht van de voorstelling, van de verbeelding van de kunstenaar.

 

Vermeer

Zou Mondriaan van de schilderijen van Vermeer hebben gehouden? Ik denk het wel. Ik denk zelfs ook te weten van welk schilderij van Vermeer hij zeer veel moet hebben gehouden: 'De brief' uit het Rijksmuseum. Omdat het zo past in zijn benadering van de kunst. Want dat schilderij van Vermeer, waarop een musicerende dame een brief krijgt aangereikt van haar meid, is een uit meerdere vlakken opgebouwd werk. Het bestaat uit twee grote van boven naar beneden lopende rechte banen aan weerszijden van de handeling. Maar de vloer op de voor grond is eveneens een rechthoek, net zoals de beklede achterwand. Zelfs de rok van de dame kan men zien als een goudgele rechthoek. Zo wordt dat zeventiende-eeuwse schilderij in feite een abstracte compositie. Natuurlijk gaat het te ver om te suggereren dat Johannes Vermeer de Mondriaan van de zeventiende eeuw was. Evenmin valt dat te zeggen van Vermeers tijdgenoot, de architectuurschilder Pieter Saenredam. Maar zij waren wel degelijk bezig met de relatie tussen vlak en compositie, en de harmonie van het a-symmetrische evenwicht, net zoals Mondriaan drie eeuwen later. Enkele jaren geleden wijdde het Noordbrabants Museum een tentoonstelling aan het Brabantse jaar van Mondriaan. Ook toen deed zich de discussie voor of de kunstenaar juist in die periode tot zijn eerste voorzichtige aanzetten van abstractie kwam. Bijvoorbeeld in bepaalde schilderijen van molens en boerderijen. Zijn vriend Albert van den Briel, die Amsterdam ook al was ontvlucht, zou later schrijven dat Mondriaan tijdens zijn lange wandelingen veel nadacht over de verhouding van lijn, compositie en kleur: "Die overpeinzingen in Uden zijn waarschijnlijk voor hem de eerste naderingen tot het veel latere non-figuratieve werk. Deze tijd had een grote invloed op hem: daar is de latere Mondriaan geboren." Albert van den Briel doelde vooral op de boerderijgezichten die Mondriaan in Nistelrode en omgeving schilderde. Want eigenlijk waren dat meer compositorische studies over vlakverdeling dan 'realistische' weergaven. En was het niet de kunstenaar zelf die in een artikel in De Stijl schreef dat 'het werk uit 1904 achteraf als een beginpunt voor latere ontwikkelingen' moest worden beschouwd?

 

Onzinnig

Eigenlijk is de hele discussie over het waar en wanneer een onzinnige. Zij dient er eigenlijk alleen maar toe om kunsthistorici aan het werk te houden, en staat eigenlijk los van de inhoudelijke discussie over de betekenis van Mondriaans oeuvre. Want Mondriaan vond dat zijn abstracte schilderijen eigenlijk heel erg realistisch waren, omdat ze zeer dicht bij zijn verbeelding stonden: hij gaf de werkelijkheid weer, of liever, zijn werkelijkheid. Net als Vermeer. Een werkelijkheid die het best begrepen kon worden door de kunstenaar zelf, want hij was het immers, die haar kon zien, in al haar facetten. De toeschouwer van afstand zou nimmer door die onzichtbare wand van onbegrip heen kunnen breken. Daarom vraagt die zich nog steeds af in welk jaar precies Mondriaan begon na te denken over zijn latere abstracte werk.


Home - Mondriaan Biografie

Voor reacties en/of aanmeldingen kunt u mailen naar:
uden@mondriaan.org